Posts tonen met het label Toonderstudio. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Toonderstudio. Alle posts tonen

zaterdag 23 maart 2024

90 jaar geleden verscheen Marten Toonder's Thijs IJs in de krant

90 jaar geleden, 23 maart 1934, verscheen de voorloper van Tom Poes en heer Bommel; Thijs IJs getekend door Marten Toonder voor het eerst in 6 of 7 provinciale en regionale kranten. Er zijn tot en met 1938, 1406 afleveringen verdeeld over 52 verhalen uitgekomen.



zondag 22 november 2020

De makers van Tom Poes - Deel 2

 1944/1945 Voorbereidingen


 Een kleine groep studiomedewerkers rond Toonder bleef doorwerken aan de voorbereidingen allerlei nieuwe producten. De strip Kappie werd in deze periode bedacht en er werd gewerkt aan het reclameproject Pinneke Proost. 







In de oorlogstijd was de Tom Poes strip enorm populair geworden. Er verscheen allerlei merchandising rond de strip.









Hierboven o.a. ansichtkaarten die in Nederland uitgebracht werden door De Muinck & Co. Vrij onbekend zijn de ansichtkaarten die in het buitenland verschenen. Voor deze serie werd basismateriaal gebruikt uit de tekenfilm waar de Toonderstudio's in de oorlogsjaren aan werkten. Het is duidelijk dat dit geen stills zijn uit de tekenfilm want deze werd niet in kleur gemaakt (rechtzetting: Eiso Toonder).




In 1946 verschenen er bij uitgeverij D. Blazer & Metz vier prachtige boekjes: Tom Poes en de oude ruïne , Tom Poes aan het strand, Tom Poes en de begraven schat en Tom Poes in het Lunapark. De verhalen vielen qua opzet nogal buiten die van de laatst gepubliceerde dagstrips en waren meer gericht op de jongere kinderen.   




De weekstrip

 Nadat de Tom Poes dagstrip op 20 november 1944 werd onderbroken, verscheen Tom Poes na de oorlog voor het eerst weer in het najaar van 1945 als weekstrip in "Ons Vrije Nederland".



   
Eerst als Gagstrip (11 afleveringen) en later als vervolgverhaal. In deze periode werden op de studio ook de nieuwe strips als Kappie, Panda en Eric de Noorman voorbereid. Als je de strips die in "Ons Vrije Nederland" werden geplaatst onder de loep zou leggen zou het opvallen dat er verschillende tekenaars en inkters aan meegewerkt moeten hebben in deze periode. Wie werkten er in die tijd zoal op de studio's? Ton Beek (manusje van alles, dus laat ik hem in deze omschrijven als rasterman en inkter), Wim Lensen, Ben van 't Klooster, Frits Godthelp (tekenaar maar vooral inkter), Richard Klokkers (inkter), Hans Kresse (maakte de dagstrip Robby; werkte aan de voorbereidingen voor de Kappie strip en die van Eric de Noorman), Cees van de Weert (studiochef), Henk Sprenger en Henk Kabos.


 

 
Hier waren het in ieder geval Wim Lensen, Frits Godthelp en Marten Toonder die bezig waren met het produceren van de strips.


  


Terwijl de dagstrip tijdelijk niet meer verscheen ging het blad Ons Vrije Nederland Tom Poes als weekstrip publiceren. Deze werd gemaakt door een wisselende samenstelling van medewerkers. Aan de bovenstaande strip uit 1947 hebben de tekenaars meegewerkt die vlak na deze stripaflevering de Tom poes dag strip weer zijn gaan produceren. Als gevolg hiervan werden 'andere' studiomedewerkers aan de weekstrip gezet. Het gevolg is hieronder te zien (vergelijk de tekenstijl maar eens met de aflevering die hieraan vooraf ging). Deze strips stonden in 1946 en 1947 in Ons Vrije Nederland.




1947/1948 van 't Klooster, Klokkers en Toonder






 Vanaf maart 1947 verscheen Tom Poes weer als dagstrip. Ben van 't Klooster, Richard Klokkers (inkter) en natuurlijk Toonder zelf waren verantwoordelijk voor deze strips.




 De jas van Bommel was vanaf zijn eerste optreden in 1941 getooid met de horizontale en verticale rechte lijnen. Later gingen de lijnen meewapperen met de vorm van de jas. Grappig is dat het er op lijkt dat de jaswissel in de bovenstaande plaatje reeds heeft plaatsgevonden. Zoals blijkt uit de volgende strip was het slechts een eenmalige vooruitblik van van 't Klooster. De rechte Ruit is weer hersteld en zal pas in 1949 weer meewapperen.



 Ergens in 1948 moest van 't Klooster zijn werk aan de Tom Poes dagstrip voor lange tijd onderbreken omdat hij voor/onder/binnen de studio's een eigen dagstrip begon en veel reclame opdrachten uitvoerde.



 Tekenteams voor de weekstrips


De weekstrips werden gemaakt door verschillende roulerende teams. Ook de makers van de dagstrip hielden zich als team ook nog bezig met een aantal weekstripverhalen:




 De ene tovenaar heeft eigenlijk niets met de andere te maken maar is wel door een en dezelfde tekenaar getekend. Zowel de weekstrip (boven) als de dagstrip (onder) zijn in 1948 gepubliceerd.






1949

Hier was o.a. Frits Godthelp aan het werk:



Ook in 1949 maakten tekenaar Albert van Beek (mogelijk met assistentie van Hans Nije) en schrijver Waling Dijkstra de onderstaande weekstrip Heer Bommel en de Hollebosserknol (met dank voor de rechtzetting van Lambiek comiclopedia ).



 De weekstrips werden inmiddels ook in verschillende bladen in binnen- en buitenland gepubliceerd.

  Het Tom Poes weekblad 1947 tot 1951

Het Tom Poes weekblad verscheen van november 1947 t/m juni 1951. Het blad was een kweekvijver voor de medewerkers van de Toonderstudio's. Die medewerkers publiceerden er onder eigen naam hun strips. Dit in de hoop dat er succesvolle nieuwe stripreeksen zouden ontstaan die net als de Toonderstrips doorverkocht zouden gaan worden aan kranten en weekbladen. Onder de vlag van de populaire Tom Poes verschenen strips van Wim Lensen, Piet Wijn, Frits Godthelp, Ben van 't Klooster, James Ringrose, Hans G. Kresse, Wim van Wieringen, Cees van de Weert, gerard van Straaten, Ansje Herblot, Francis Paid en Henk Sprenger. Tom Poes en heer Bommel verschenen op covers en op redactionele pagina's. Daarnaast werden de Tom Poes weekstrips die eerder in Ons Vrije Nederland waren gepubliceerd herplaatst. Een van de tekenaars die niet onvernoemd gelaten mag worden is Ben van Voorn die net op de studio was komen werken en veel prachtige covers tekende.


  Veranderingen 1941 - 1974





  Bommel en Tom Poes hebben qua uiterlijk een grote verandering ondergaan. Hierboven die van tussen 1941 tot 1974.


woensdag 4 november 2020

De makers van Tom Poes - Deel 1

 Kijkend naar zijn boekenkast zegt hij: "Het is waanzin om te bedenken dat een man dat alleen heeft gedaan." 


Marten Toonder, de man achter Tom Poes en Heer Bommel overleed in juli (27/07/2005) op 93 jarige leeftijd. Tijdens zijn leven heeft hij roem vergaard voor zijn creatie's. Bij de totstandkoming van de dagstrips kon hij rekenen op assistentie van zijn studiomedewerkers. Het meest complete overzicht van welke medewerker waaraan werkte geef ik weer in deze blog (noot van de auteur: Dit klopte in 2005 toen ik aan deze blogs begon maar inmiddels zijn er completere lijsten). Het zal een tijdje duren voordat deze opsomming volledig zal zijn maar voor de echte liefhebber van Tom Poes en heer Bommel zal het bezoeken van deze blog de moeite waard zijn.

1941 Phiny Dick schreef de eerste afleveringen




Op 16 maart 1941 verscheen de eerste Nederlandse dagstrip publicatie van de Tom Poes strip. De eerste 6 afleveringen van het eerste verhaal werden geschreven door de vrouw van Marten Toonder; Marten Toonder schetste de strip en inktte de personages. Na de zesde aflevering nam hij ook het schrijfwerk voor zijn rekening. 


assistentie van Wim Lensen


 Al in  juli1940 betrok Toonder Wim Lensen bij het maken van de strips die hij o.a. maakte voor Diana Edition (een van oorsprong Weense syndicator). Naar alle waarschijnlijkheid ging Lensen van meet af aan ook meewerken aan de Tom Poes strip. Hij zette zoals hij dat gewoon was bij de andere strips die uit de koker van Toonder kwamen ook bij deze productie de achtergronden in inkt. Hoewel Toonder nadat de strip succesvol was gebleken en al helemaal nadat de avonturen van Tom Poes en heer Bommel als literatuur werden beschouwd niet altijd even accuraat was als het ging om het benoemen van zijn medewerkers valt aan de tekenstijl of zelf de wijze waarop de strip geïnkt is redelijk nauwkeurig op te maken wie waar aan heeft meegewerkt. 

Toonder deed dus zelf het schetswerk en het inkten van de personages (op een gegeven moment ging Wim Lensen ook de achtergronden schetsen). Lensen bleef tot 1944 meewerken aan de Tom Poes dagstrip.




Wim Lensen zou uitgroeien tot een meester-inkleurder van wat later de Toonderstudio's zouden worden. In 1945 en 1946 bewerkte en kleurde Lensen bestaande Tom Poes strips voor een zestal boeken (B4.1 t/m B4.6).







Tijdens het zestiende Tom Poes verhaal (en de Bergmensen) uit 1943 werd Marten Toonder zodanig in beslag genomen door de 'zakelijke' belangen van de Geesink - Toonderstudio's dat het creatieve team dat werkte aan de Tom Poes dagstrip verder werd uitgebreid. Naast Toonder en Lensen gingen Corrie Hazendonk en Carol Voges meewerken.



De verhalen 18 (de Bommelschat) en 19 (De schat op de zeebodem) werden geschreven door Carol Voges. Marten Toonder, Wim Lensen, Carol Voges en Corrie Hazendonk bleven betrokken bij de productie van de dagstrip en aan de productie van tekenwerk voor spellen, puzzels en andere koopwaar die grif van de hand gingen in de oorlogsjaren. Daarnaast werden ook waar nodig  tekenaar Godthelp en animatoren als Zwartjes, Kabos en van Lamsweerde ingeschakeld.
Die laatsten werkten sinds 1943 aan de door het Duitse filmbedrijf Degeto bestelde tekenfilm ‘Tom Puss und die Geheimnis der Grotte’. 





Op de site site DIAF leest u het een en ander over de in of voor Duitsland gemaakte animatiefilms. Natuurlijk komen we daar ook de hierbovenstaande productie tegen. Tijdens de oorlog werden in tal van bezette landen studio's aan het werk gehouden om een zekere Europese traditie tot stand te brengen (Sla Marten Toonder's autobiografie deel 2 'Het geluid van bloemen' er (nog) eens op na voor meer details)





Zij hadden daardoor Toonders figuren goed in de vingers gekregen en zoals hierboven te zien is leverde hun inzet af en toe filmische beelden op.
Toonder schreef vanaf eind 1943 de teksten weer en voerde daarnaast vooral de eindcontrole en correcties van het tekenwerk uit.

In november 1944 stopte de publicatie van de strip in de Telegraaf.














Deze opsomming is geplaatst met toestemming van de erven Toonder.
©STA stichting Toonder auteursrecht

dinsdag 6 oktober 2020

Aankondiging: De makers van Tom Poes in de herhaling op deze blog.

 In 2003 begon ik met bloggen en al snel had ik mij gestort op een overzicht van wie Marten Toonder hebben bijgestaan bij de totstandkoming van de Tom Poes dagstrips. Ik had het geluk dat ik veel van de Toonderstudio medewerkers/sters nog heb kunnen spreken zodat er een goed onderbouwd beeld tot stand  kwam. Een overzicht waaruit verschillende schrijvers van lijvige boekwerken en prachtige tijdschriften graag (al dan niet met bronvermelding of een bedankje) informatie geput hebben. In 2007 ben ik zelfs als onbezoldigd adviseur toegetreden bij de erven Toonder. Nu is het tijd om de blogs onder het stof vandaan te halen en te herplaatsen. Binnenkort gaat de serie van start.



dinsdag 29 april 2014

In memoriam: Eiso Toonder, 24 maart 1936 - 29 april 2014

Zoon en medewerker van Marten Toonder en de Marten Toonderstudio's is vandaag overleden.



Zijn oeuvre is bij veel mensen bekend maar weinige weten dat hij de schrijver was. Ik heb de man een paar keer ontmoet en heb een mailwisseling met hem gehad. Die kwam eerst moeizaam op gang maar toen hij doorhad dat ik wist waar ik het over had (dit klinkt wat bol) werden het leuke gesprekken. Ik wil zeker de tijd nemen om een fatsoenlijke blog over Eiso te schrijven. Daar ga ik mijn tijd voor nemen.
Voor nu; Vaarwel Eiso en bedankt!

zondag 22 september 2013

Woodpeckers from space

Ik was in de jaren 80 af en toe aan het tekenen voor van Bosch en Nieuwkoop oftewel Boni records en break records. Rond 1983 werd er gewerkt aan een nieuwe productie. In Nederland kreeg het project de naam Woodpeckers from space van Videokids (gevormd door het duo Bianca Bonelli en Renee Portegies die beiden niet meer leven). In het Engels werd het project Tico Tac Spacepeckers genoemd. Op het singeltje was het lachje van Woody Woodpecker te horen en om niet in de problemen te komen met de eigenaren (de rechthebbers van Walter Lantz) van deze Amerikaanse specht moest er voor publicatie een figuurtje verzonnen worden dat niet op een specht mocht lijken. Het werd een soort ruimtemannetje voorzien van een houtboor.
Nadat ik het ontwerpwerk had ingeleverd maakte de Toonderstudio's een tekenfilm-videoclip met het character.



Van het eerste singeltje werden er in het buitenland meer dan 3 miljoen verkocht.
Woodpeckers from space stond in Spanje, Portugal, Noorwegen, Zwitserland en Noorwegen wekenlang op nummer 1 op de verschillende hitparades. Hiermee werden de producers onderscheiden met de exportprijs 1985.

Bij de Toonderstudio werd het animatiewerk gedaan door Bjorn Frank Jensen geassisteerd door Frits Godthelp.

Ook werd er een promostripje gemaakt van Tico Tac (getekend door Bjorn Frank Jensen).


En nog wat promotioneel werk:





 
 

woensdag 17 april 2013

Een originele Puk en Poppedijn pagina uit de brand

Toen het kasteel waarin de Toonderstudio's in 1971 in brand vloog stond de brandvrije kluis open. Meesterinkleurder Wim Lensen had juist besloten dat de stapels originelen er wat wanordelijk bijlagen en was begonnen de boel te herschikken.

Het waren niet zo zeer de vlammen maar het bluswater dat haar vernietigend werk deed.
Hier een pagina uit de in het weekblad de Spiegel verschenen strip Puk en Poppedijn (tekst en tekenwerk: Piet Wijn en inkleuring: Wim Lensen). Deze pagina is door Harrie Geelen uit de afvalcontainer gered en met dank aan Mat Wijn kan ik hem hier laten zien.

vrijdag 15 maart 2013

Met uw welnemen - interview met Marten Toonder uit 1972

Nu we het Toonderjaar achter ons hebben en de weblog nieuw leven is ingeblazen wordt het tijd om wat interviews met Marten Toonder onder het stof vandaan te halen. Deze keer betreft het een interview uit 1972  (of was het 1969 zoals een oplettende lezer beweerd?). Ik hoop dat u de lees-moeite ontstaan door het ingewikkelde knip en plak werk voor lief wilt nemen. Met uw welnemen;

(ook) in 1972 verscheen de documentaire "Een eenvoudige doch voedzame maaltijd". De documentaire schetst een portret van schrijver en striptekenaar Marten Toonder, bekend van de strips Olivier B. Bommel en Tom Poes, Kappie, Panda en natuurlijk Koning Hollewijn.
Met als achtergrond het prachtige Ierse landschap, voert Frank Wiering gesprekken met Toonder over de Ierse geschiedenis het bijgeloof van de Ieren, de onzichtbare wereld van de fantasie, de betekenis van leven en dood, de karakters van zijn stripfiguren en de wijze waarop zijn strips tot stand komen.


dinsdag 12 maart 2013

Fred Julsing 12/3/1942 - 15/1/2005

 Deze blog schreef ik in 2005 kort nadat ik het bericht ontving dat Fred Julsing waarmee ik een intensief mailcontact onderhield overleden was.
 
Fred Julsing werd op 12 maart 1942 geboren in Den Haag. Fred's vader was kunstschilder en maakte in 1946/1947 zelf beeldverhalen . Voor Fred Julsing was tekenen een levensbehoefte. Al op jonge leeftijd maakte hij een soort tekenfilms en het lag voor de hand dat Fred een kunstopleiding zou gaan volgen. Het probleem dat hij 15 jaar was (en dus 3 jaar te jong voor de opleiding) werd na het zien van zijn tekenwerk weggepoetst door de directeur van de Vrije Academie Den Haag. Julsing is begin jaren '60 gaan werken bij de Toonderstudio's. Na een periode The Tjong Khing geassisteerd te hebben (student Tijloos), hielp hij Jan Wesseling met de productie van Koning Hollewijn. Na een paar maanden in de productie te hebben meegedraaid werd Julsing vriendelijk doch dringend gevraagd om thuis te gaan werken. Hij heeft nooit begrepen waarom dat precies was maar hij nam deze mogelijkheid met beide handen aan. Iedere vrijdag bracht hij de studio's een bezoek om het werk dat hij die week gemaakt had af te leveren en nieuw te tekenen opdrachten mee te nemen.



 In die periode was hij al zelfstandig schetser van Toonder- producties als Panda (PV 77) en Kappie (KV 96 en KV 97). Eind 1963 werd Julsing bij een reorganisatie ontslagen bij de Toonderstudio's. Nadat Fred enige tijd illustraties en tekstverhalen had gemaakt voor Autovisie besloot hij om het na ruim een jaar nog eens te proberen bij Toonder. Het werk dat hij liet zien was voor Toonder aanleiding hem op de Tom Poes strip te zetten en zo werd Julsing Toonders meest naaste medewerker van dat moment. De eerste Tom Poes strip die Julsing schetste was het verhaal "De Labberdaan" (voor de liefhebbers bekend als BV 110 dat verscheen vanaf 14 april 1965). Julsing bleef Tom Poes en Heer Bommel tekenen t/m het verhaal "De Waarde-ring" (BV 134 van 18/1/1971 t/m 4/3/1971).


 Naast aan de productie van de Tom Poes dagstrip werkte Julsing ook aan het tekenwerk voor het project "Tom Poes en de Toverfluit" (op tekst van Harry Geelen); de Tom Poes weekstrip "De kleine groene mannetjes" in het weekblad Donald Duck (1969) en "Tom Poes en de Wiekschieters"(1970) in Arts en Auto; een reclamestrip voor Alete Moolenaar kinder- en babyvoeding (op tekst van Andries Brandt en Patty Klein).



 Eind jaren '60 was Julsing al begonnen om naast aan de Tom Poes strip ook aan eigen strips te werken.

Zo verschenen er strips als Onnistman (1967), Klinsklansklandere van de ene bil op de andere (1968), De Marketingmachine of hoe het produkt Bin van de ondergang werd gered (1969), De Culturele revolutie van voorzitter Janneman (1970) en nog een aantal andere strips voor de bladen Baljuw en Ariadne.

 In 1970 maakte Julsing een strip over het natuur- mannetje Komkommertje en Martien.











Deze strip had Julsing opgezet in de geest van Jean Dilieu's Paulus de boskabouter . De Toonderstudio's wilden de distributie van de strip verzorgen en verkochten hem aan Dagblad de Telegraaf. Maar dat was tegen de zin van Fred. De Telegraaf was nu juist een blad waar hij niet in wilde publiceren. De deal (wekelijks 4 pagina's voor de kleurenbijlage) werd afgeblazen en de strip werd als Gagstrip verkocht aan Journaal 2000, een huis aan huis reclameblad dat in een oplage van 1 miljoen in de grote steden werd verspreid. De strip werd niet wat Julsing er van verwacht had. Julsing liet in 1976 voor het blad Striprofiel (Maarten J. de Meulder) hetvolgende optekenen: "Uiteindelijk hebben ze de zaak aan Journaal 2000 verpatst, maar wat werd opgezet als een vervolgstrip, waardoor je je steeds dieper in zo'n bomenwereld kunt verplaatsen, werd een eenmaandelijkse Gag-strip. Kun je nu geloven, dat niets gebeurd, voordat de tijd daar is? // Ik wilde een wereldje toegankelijk maken. Mijn Wereldje in prachtige tekeningen en leuke verhaaltjes. Maar dat ei kon ik niet kwijt. Of was het nog geen ei; alleen maar een beginsel ervan? Ik vond het niet tof." 


 


In 2001 schreef Fred Julsing onder de titel "'n vaste betrekking" een uitgebreid artikel over zijn tijd dat hij werkzaam was voor de Toonderstudio's. Klik hier om het artikel te lezen en te bekijken. Vervolgens laat Julsing zijn talenten los op het stripblad PEP (Pordios wat een blad!) 



 Toen de stripbladen Pep en Sjors opgingen in Eppo was er in dat blad geen plek meer voor Julsing strips. Wel maakte hij de mascotte en een strip voor Oberon's nieuwe maandblad Baberiba. Helaas is dit blad nooit verder gekomen dan het eerste 0 nummer.



Tussen 1972 en 1985 maakte hij prachtig werk voor Malmberg, de uitgeverij van bladen als Primo, jippo, Okkie en Taptoe. Strips als "Robinson", "De Schat van het landje", "Witte's Dagboek" (later voortgezet in het weekblad Donald Duck), Sloom, Sloom en Snel en tal van korte strips.








In het Sjors en Sjimmie weekblad publiceerde Julsing de Wortels van War. Een strip waar hij diep voor is gegaan. Met Piet Zeeman heeft hij geprobeerd een vervolg te maken maar dat liep vast.



In 1993/1994 verscheen Julsing's laatste (wat korte reclamestripjes en voorbeelden in vakbladen uitgezonderd) gepubliceerde strip "Pietsie en Pop en de Zonen van O" in het blad Taptoe. Julsing verhuisde van de Betuwe naar Californie waar hij in een mooie omgeving met Kay een gelukkig leven leide. Hij probeerde er een nieuwe Dagstripvorm op te zetten en was lang in gesprek met een Nederlands Dagblad over de publicatie ervan. Helaas haakte het Dagblad af terwijl de plannen in een vergevorderd stadiumverkeerden en heeft het grote publiek nooit kennis kunnen nemen van de vorm van dit initiatief. Ook toen Julsing wist van zijn ziekte bleef hij onverdroten doorgaan met schrijven, illustreren en schilderen. Op 15 januari 2005 is Fred Julsing op 63 jarige leeftijd overleden.

Ik vond Fred Julsing een bijzonder mens. Ik heb hem leren kennen als een aardige man die zijn best deed om je vooruit te helpen en je werk, vragen en opmerkingen altijd serieus nam en dat is wat waard. Als tekenaar bewonderde ik hem in hoge mate. Sommige van zijn verhalen kwamen na een denderend begin niet helemaal uit de verf maar hij was de eerste om die mening te delen (zeker als het de verhalen uit zijn Pep periode betrof ). Maar natuurlijk waren er ook verhalen die ik erg bewonderde. De schat van het landje, de sprookjes en Witte's Dagboek waren verhalen die ik altijd erg mooi heb gevonden en nog vind. .




© erven Julsing / Toondercompagnie